Het studiegeld voor bacheloropleidingen

Diploma- en creditcontracten*

Het studiegeld hangt af van je studentenstatuut en van het aantal studiepunten waarvoor je inschrijft. Meer info over de verschillende contracttypes vind je in het Onderwijs- en Examenreglement.

Studentenstatuut

  • Niet-beursstudent: heeft geen recht op een studietoelage.

Vast deel en variabel deel

  • Niet-beursstudent: het studiegeld bestaat uit een vast deel van €242,8 en een variabel deel van €11,6 per studiepunt
  • Bijna-beursstudent: het studiegeld bestaat uit een vast deel van €242,8 en een variabel deel van €4,2 per studiepunt
  • Beurstariefstudent: het studiegeld bestaat enkel uit een vast deel van €110,8

Ter illustratie: het standaard lessenpakket van een academiejaar telt 60 studiepunten. Een niet-beursstudent betaalt voor dit 'modeltraject' dus €938,8: een vast deel van €242,8  en een variabel deel van €696 (60 studiepunten x €11,6 per studiepunt).

Indien je als niet-beursstudent te weinig leerkrediet hebt, betaal je een toeslag van €11,6 per studiepunt waarvoor geen leerkrediet beschikbaar is. Een beurstariefstudent of bijna-beursstudent betaalt geen toeslag.

Indien een student heroriënteert van een academische naar een professionele bachelor, dan moet de niet-beursstudent het eerste jaar geen verhoogd studiegeld betalen.

Klik hier voor een overzicht van de gemiddelde studiekosten voor het academiejaar 2018-2019.

Examencontracten*

Het studiegeld bestaat uit een vast deel van €110,8 en een variabel deel van €4,2 per studiepunt. Bovenop het studiegeld wordt een bedrag van €50 aangerekend voor het gebruik van Toledo, onze digitale leeromgeving.